Transvetten

Wat zijn transvetzuren?

Transvetten zijn “ongezonde” vetzuren. Ze worden vooral geproduceerd in de fabriek wanneer vloeibare ‘goede’ (of onverzadigde) vetzuren worden omgezet naar harde vetten. Of met andere woorden, de olie wordt omgezet in een zacht vet met een steviger en hardere structuur.

 

​Dit steviger vet wordt dan gebruikt voor de bereiding van :

  • harde margarines
  • bak- en braadvet
  • gebak en koek, zoutjes
  • frituurvet
  • (gefrituurde) snacks

Transvetzuren zijn schadelijker dan de gekende verzadigde (verkeerde) vetten.

Ze worden in verband gebracht met het ontstaan van hart en vaatziekten en een verhoging van het cholesterolgehalte.Volgens de nieuwe aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad (september 2016) moet de inname van industriële transvetzuren zo laag mogelijk blijven met nul als streefwaarde.

Naast industrieel gevormde transvetzuren bestaan er ook transvetzuren die van nature voorkomen in melkproducten en in het vlees van herkauwers (rund, schaap, geit). Wanneer je vooral magere en/of halfvolle melk(producten) en mager vlees gebruikt, blijft je inname van natuurlijke transvetzuren beperkt. Uit studies blijkt dat natuurlijke transvetzuren in de hoeveelheid zoals we die nu innemen, geen effect heeft op het cardiovasculair risico. Het is vooral belangrijk om industrieel gevormde transvetzuren te beperken

Margarines, bak- en braadvetten

In het verleden konden harde margarines en bak- en braadvet veel transvetten bevatten. Toen waren dit ook de belangrijkste bronnen van transvetzuren. Margarineproducenten hebben hun techniek en grondstoffen aangepast waardoor het transvetgehalte terug gebracht is naar minder dan 1%.  Personen met een cardiovasculair risico mogen gebruik maken van margarines, bak- en braadvetten met dit laag gehalte aan transvetzuren. Een alternatief om te bakken en braden zonder transvetten is bijvoorbeeld een olie. Controleer steeds goed het etiket van de olie om te kijken of deze geschikt is voor warm gebruik. Voorbeelden van een goede olie zijn olijfolie, arachideolie, zonnebloemolie,…

Gebak en koek, zoutjes

Bakkerijvetten die men gebruikt voor het maken van koekjes en gebak kunnen nog steeds hoge gehaltes van transvetzuren bevatten. Het is heel moeilijk om na te gaan of deze producten transvetzuren bevatten. Het wordt niet als dusdanig op de verpakking vermeld, zoals bij margarines.  Wanneer op de ingrediëntenlijst vermeld staat dat het product ‘plantaardig vet, gedeeltelijk gehard’ of ‘gehydrogeneerd vet’ bevat, kan transvet in het product voorkomen. Zoals het in een gezonde voeding past, gebruik je deze voedingsmiddelen best met mate.

Frituurvet

Om te frituren geef je best de voorkeur aan een vloeibare ‘frituurolie’. Hard frituurvet kan meer transvetzuren bevatten. Wanneer je een friet wilt eten in een frituur of cafetaria, kan je vragen naar de soort vetstof die ze gebruiken. Steeds meer zaken bakken in een vloeibaar frituurvet en niet meer in harde frituurvetten.

Daarnaast is de temperatuur van het bakken ook belangrijk. Bij een temperatuur hoger dan 220°C kunnen er transvetzuren gevormd worden, zelfs al bak je in een frituurolie. In je eigen keuken kan je dus ook transvetzuren vormen.

Bij het frituren vervang je best ook regelmatig het frituurvet. Elders op deze site lees je meer over hoe je best frituurt.

Gefrituurde snacks

Gefrituurde snacks hebben ook een slecht vetgehalte. Een aantal frituursnacks hebben een krokant laagje aan de buitenkant. Dit krokant laagje slorpt veel vet op en is dus zeer vetrijk. Deze snacks bevatten veel verzadigde (verkeerde) vetten en waarschijnlijk ook een gehalte transvetzuren. Wat betreft de hoeveelheid transvetzuren staat echter niets op de verpakking vermeld. Frietjes gebakken in een juiste oliesoort en bij de juiste temperatuur worden beter gecombineerd met een stuk vlees/vis/gevogelte dat niet gefrituurd wordt. Een goede portie groenten erbij gaat zorgen voor vitaminen en een sneller verzadigingsgevoel, waardoor je de hoeveelheid frieten makkelijker beperkt kan houden.

Het lichaam heeft geen transvet nodig. Onvermijdelijk bevat voeding altijd wel wat transvet. Natuurlijke transvetten zoals uit kaas, zuivel en vlees kunnen we niet volledig vermijden. Maar industrieel gevormde transvetten wel, door zo veel mogelijk te kiezen voor plantaardige oliën, niet te veel koek, gebak en (gefrituurde) snacks te eten. 

Verschenen op 2 februari 2012 en aangepast op 17 oktober 2016 met medewerking van Claudia Fripont, diëtiste

Test je eetgewoonten

Bekijk onze 20 gratis testen rond voeding.

Contacteer ons

Algemene vragen en vragen over jouw ziekteverzekering