Burn-out

Merk je het ook in je omgeving? Er zijn meer en meer mensen met burn-out. Niet te verwonderen in onze huidige maatschappij, waar alles steeds sneller, efficiënter, met steeds minder mensen en goedkoper moet gebeuren.

Hoe herken je een burn-out? En wat kan je er aan doen?

Wat

Wat is een burn-out? 

Burn-out is een (omkeerbare) toestand van uitputting na jarenlange overbelasting op het werk. Mensen die steeds meer moeten werken, en niet de tijd nemen om tot rust te komen lopen risico.Hierdoor gaan vermoeidheid en spanningsklachten zoals hoofdpijn, spierpijn, hartkloppingen, slapeloosheid, piekeren ... almaar vaker en heviger voorkomen. Mensen worden “overspannen”. Ze gaan meer en meer afstand, cynisme ontwikkelen ten opzichte van hun werk. Waar ze vroeger erg enthousiast voor hun werk waren, “in vuur en vlam”, zegt het hun niets meer. Zeker als bevestiging uitblijft, als ze het gevoel hebben niets of te weinig terug te krijgen voor hun inspanning, gaat het cynisme stijgen. Door de stress gaat men zich minder goed kunnen concentreren en gaat men meer fouten maken. Anderzijds gaat men ook het subjectief gevoel krijgen van professioneel te falen.

Om van een burn-out te spreken, moet er 3 componenten aanwezig zijn: vermoeidheid , cynisme en het gevoel minder competent te zijn. Zijn er maar 2 componenten, dan spreekt men van “overspannen” zijn. Het is belangrijk om de eerste signalen niet te negeren. Overspannen zijn kan lijden tot burn-out. Burn-out kan evolueren tot een depressie of chronische vermoeidheid.

Burn-out komt vaak voor bij ‘gezonde mensen’ die voordien geen problemen hadden, als er sprake is van langdurige overbelasting en gebrek aan waardering voor het gepresteerde werk. Iedereen kan het krijgen. Het is dus belangrijk om je grenzen te leren kennen, en op een gezonde manier te leren omgaan met stress. Dat zal veel lijden voorkomen. Het is ook belangrijk voor werkgevers om op een goede manier burn-out te helpen voorkomen en te behandelen bij hun werknemers. Omdat dit enthousiaste gemotiveerde werknemers geeft die veel productiever zijn. En bovendien werkonbekwaamheid en verloop voorkomt.

Hoe herken je een burn-out?

Dit zijn de kenmerken:

  • Je voelt je voortdurend gespannen.
  • Je hebt last van hartkloppingen, hoofdpijn, maagpijn, nekpijn
  • Je emotionele reserves zijn op.
  • Je hebt moeite om jezelf te concentreren. Daardoor maak je meer fouten dan vroeger.
  • Je kan niets meer bijleren, want het wil er niet meer in.
  • Je bent vergeetachtig en moet alles dubbel controleren.
  • Je begint te twijfelen aan jezelf.
  • Je bent besluiteloos, je kan geen beslissingen meer nemen.
  • Je hebt last van emotionele ups en downs. Het ene ogenblik ben je verbaal agressief en boos, het volgende barst je in tranen uit.
  • Je hebt weinig eetlust en valt af. 
  • Je hebt moeite met inslapen en naarmate de burn-out verergert, ook met doorslapen.
  • Je wordt cynisch over je werksituatie (“Hier verandert toch nooit iets!”). Daarmee kan je je collega’s aansteken.
  • Je piekert veel. Je ziet echter geen uitweg uit je problemen meer omdat je in rondjes blijft draaien.
  • Je hebt geen zin of energie meer om na het werk nog iets te doen. Je hobby’s kunnen je gestolen worden. ’s Avonds hang je maar wat voor de tv.
  • In plaats van extra ontspanning te zoeken, ga je steeds meer en langer werken. Je wilt daarmee compenseren voor de verminderde kwaliteit van je werk. Na een tijd beland je daardoor in een neerwaartse spiraal.

Behandelen

Hoe raak je uit een burn-out ?

Burn-out sluipt ongemerkt en geleidelijk aan binnen. Meestal kom je pas tot het besef dat het zo niet langer kan door een gebeurtenis die je de ogen opent, zoals een belangrijke fout die je gemaakt hebt.
Dat is het moment om de situatie onder ogen te zien. Probeer in de eerste plaats de feiten op een rijtje te zetten en oplossingen te bedenken om je spanning te verminderen. Ga dan met voorstellen naar je baas, met de bedoeling samen een uitweg te vinden. Het kan zinvol zijn om daarvoor even vrij te nemen van het werk. Telkens weer vrij nemen als de stress te veel wordt maar niets structureels veranderen, is echter geen oplossing.

 

  • Je kan hiervoor professionele hulp zoeken, bijvoorbeeld bij een psycholoog.
  • Het is ook een goed idee om ontspanningstechnieken te leren of een sport te gaan beoefenen, waarin je jezelf kan afreageren. Als je de mogelijkheid hebt om te veranderen en oplossingen wil zoeken, dan gaat het na een zestal weken doorgaans al stukken beter.
  • Dreig je weg te zakken in een depressie, contacteer dan zeker je huisarts of een psychiater.
  • Wuif het probleem niet weg. Tegen depressie bestaat afdoende medicatie. Er is dus geen enkele reden om je langer slecht te voelen dan nodig.

Oorzaken

De eerste oorzaak van burn-out ligt bij je werk.

Meestal is het evenwicht ergens zoek. Te veel stress is slecht, maar te weinig net zo goed. Ook de mate van afwisseling is belangrijk. Heerst er totale onvoorspelbaarheid en weet je ’s ochtends niet wat je die dag weer zal overvallen, dan vertrek je al gespannen naar het werk. Een beetje routine is dus wel nodig. Is je job echter ontzettend eentonig of onpersoonlijk, dan is ook dat dodelijk voor je motivatie en arbeidsvreugde. 

Ten slotte spelen de bedrijfscultuur en –structuur een rol. Een heel strakke hiërarchie met strenge sancties zorgt voor extra spanning, maar ook onvoldoende duidelijkheid over wat van je verwacht wordt. Bovendien vreten gebrek aan waardering of ondersteuning in moeilijke situaties aan je.

Wie loopt meer kans op burn-out?

In dezelfde werkomstandigheden krijgt de een het wel en de ander niet. Individuele factoren spelen dus mee. Vooral je persoonlijkheidstype en de manier waarop je omgaat met problemen en stresserende situaties is van belang. Sommige mensen zijn perfectionistisch. Ze willen hun werk in alle omstandigheden goed doen, zijn nauwkeurig en betrouwbaar. Wanneer er een grotere werkdruk ontstaat en de werkomstandigheden chaotisch worden, krijgen ze het echter moeilijk. Ze hebben dan te weinig tijd om hun werk naar hun eigen strenge normen uit te voeren. Zij zijn niet heel stressbestendig en dus vatbaar voor burn-out.

Dan heb je mensen die afstand kunnen doen van perfectionisme, die zijn wat slordiger en letten minder op details. Ze maken er niet zo’n punt van als ze eens een foutje maken. Missen is immers menselijk. Door die relativerende houding kunnen ze beter om met chaotische en stresserende omstandigheden, en lopen ze minder kans op burn-out.

Het is niet mogelijk je persoonlijkheid te veranderen. Dat is ook niet de bedoeling, want in een bedrijf heb je beide types nodig. Als je moet zorgen voor het leven of het geld van iemand anders, kan je maar beter nauwkeurig zijn. Maar je hebt net zo goed mensen nodig die in moeilijke omstandigheden het hoofd koel houden.

Een goede werkgever of personeelsmanager kan met die verschillende persoonlijkheden om. Hij of zij haalt het beste uit zijn personeelsleden door ze niet allemaal over dezelfde kam te scheren, maar ze in die werksituatie te plaatsen waar ze openbloeien.

Veranderingen in het privé-leven

Vaak is burn-out niet alleen aan het werk te wijten, maar ook aan wijzigingen of problemen in je privé-leven. Je doet bijvoorbeeld al jaren je werk goed en graag. Tot je terugkeert uit zwangerschapsverlof na de geboorte van je eerste kind. Ineens wil het niet meer lukken. Je voelt je verscheurd tussen je kind en je werk. Bovendien kruipt er nu heel veel extra tijd en energie in de zorg voor je baby. Dat kan er net te veel aan zijn.  

Voorkomen

​Tips om burn-out te voorkomen:

  1. Bewaak je grenzen. Voorzie voor elke taak een bepaalde tijd. Als de tijd om is neem je een pauze, doe je iets anders. Wacht niet tot de taak afgewerkt is. Ga ook naar huis op een afgesproken uur, beperk overwerk tot uitzonderlijke situaties, maak er geen regel van. Meer uren geven niet altijd meer of beter werk, je efficientie vermindert.
  2. Bepaal ook op voorhand hoe belangrijk een taak is, hoe goed ze moet afgewerkt worden.Probeer niet in alles perfect te zijn.
  3. Voorzie ook in drukke tijden ontspanningsmomenten, plan ze in in je agenda. In je agenda is er plaats voor “Rendez-vous en rendez-moi’s.”
  4. Vergeet je sociaal netwerk niet te onderhouden, ook al heb je het erg druk. Plan een weekendje met je partner, leuke activiteiten met vrienden,... En zeg ze niet weer af voor het werk.
  5. Leer goed omgaan met stress.
  6. Vergelijk jezelf niet met anderen. Jij hebt je eigen kwaliteiten.
  7. Luister naar je eigen stresssignalen en durf te zeggen op het werk wanneer het je te veel aan het worden is. Leer af en toe neen te zeggen. Onderhandel met je baas als hij je te veel taken geeft. Suggereer voorstellen tot verbetering of aanpassing, een oplossing die beiden goed uitkomt.
  8. Je hoeft niet alles perfect te doen. Vijfentwintig procent van je energie gaat naar zeventig procent van je job. De resterende 75 procent energie gaat naar de afwerking, naar het fijnslijpen. Als de werkdruk groter wordt, moet je aanvaarden dat je niet altijd perfect werk kan afleveren. Je kan ook niet altijd overwerken.
  9. Leer planmatig te werken: verdeel een grote berg werk in kleinere deeltaken en handel ze een voor een af. Houd daarbij rekening met je eigen energie en doelstellingen: wat levert iets op in verhouding tot wat ik erin stop, wat is prioritair voor mij? 
  10. Plan je dagen niet helemaal boordevol maar bouw marges in voor onvoorziene omstandigheden. Hoe scherper je je agenda opstelt, hoe ongemakkelijker je je voelt wanneer je niet alles kan afwerken.
  11. Vecht voor en niet tegen iets. Investeer je tijd niet in het dwarsbomen.​

 

Meer info

Meer info over burn-out in zorgsituaties vind je in de brochure "Burn-out bij mantelzorgers. Als de zorg een zorg wordt," van Steunpunt Mantelzorg vzw. Gratis te bestellen bij Steunpunt.mantelzorg@socmut.be

Contacteer ons

Algemene vragen en vragen over jouw ziekteverzekering