Cataract

​Een gezonde ooglens is doorzichtig. Wanneer de lens troebel wordt, valt het licht niet meer netjes op je netvlies maar wordt het verstrooid. Dan ga je minder goed zien. Dat heet cataract, of met een oudere naam grijze staar.

 

​Klachten

  • Je ziet alles vager, alsof je door mat glas of een vuile bril kijkt.
  • Kleuren zie je minder intens, maar grijzig.
  • Je hebt meer licht nodig om te kunnen lezen of fijn werk te doen.
  • Fel licht verblindt je gemakkelijker.
  • Je ziet dubbel uit één oog.
  • Je bril moet te vaak worden aangepast: om de zes maanden tot maandelijks. Zelfs dan ben je nog niet tevreden over de kwaliteit van het verkregen beeld.
De klachten ontstaan niet plots, maar worden geleidelijk aan erger. Op de duur kan je zelfs helemaal niets meer onderscheiden, maar zo ver hoeft het niet meer te komen.

Oorzaken

  • Natuurlijke veroudering is de belangrijkste oorzaak. Ouderdomscataract begint al vanaf de leeftijd van 45 jaar, maar wordt met de jaren erger. Hoe snel dat gaat, verschilt van persoon tot persoon.
  • Sommige ziekten zoals diabetes versnellen het proces. Ook sommige geneesmiddelen doen dat, als je ze erg lang moet gebruiken.
  • Sommige baby’s worden geboren met cataract, maar dat is zeldzaam. 

Behandelen

  • Een leesbril helpt in het begin.
  • Een cataractoperatie. De troebel geworden eigen lens wordt dan vervangen door een kunstlens. Dat gebeurt tijdens een korte ingreep onder plaatselijke verdoving.
    Eerst verbrijzelen ultrasone geluidsgolven de eigen lens. De stukjes worden daarna weggezogen. Waar de oude lens zat, komt de kunstlens.
    Je mag nog dezelfde dag naar huis. Het duurt ongeveer vier weken tot het oog helemaal genezen is. Intussen moet je dagelijks speciale oogdruppeltjes gebruiken.
    Deze operatie gebeurt erg vaak en heeft heel goede resultaten. Je ziet meteen weer veel beter. De kunstlens kan bovendien aangepast worden aan je bestaande oogafwijkingen. 

    Soms keert cataract terug, doordat het lichaam nieuwe lenscellen achter de kunstlens doet groeien. Dat heet secundair cataract. Dat wordt opgelost met een laserbehandeling. Tegenwoordig bestaan ook al implanttechnieken die dat secundair cataract voorkomen.

Verschenen op 2 september 2016 met medewerking van professor Marie-José Tassignon, diensthoofd oogheelkunde van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen.

Contacteer ons

Algemene vragen en vragen over jouw ziekteverzekering