Reumatoïde artritis

​Artritis betekent letterlijk gewrichtsontsteking en is een verzamelnaam voor verschillende ziekten. Van alle vormen van chronische gewrichtsontsteking is reumatoïde artritis of RA degene die het vaakst voorkomt. Het lichaam produceert dan stoffen die het gewricht doen ontsteken. Die ontsteking veroorzaakt niet alleen pijn en hinder, maar ook misvormingen. Vandaag bestaan er zeer geavanceerde geneesmiddelen die de ziekte tot staan brengen en niet alleen de symptomen bestrijden. Hierdoor kan je vaak een redelijk normaal en productief leven leiden. Een vroege diagnose en behandeling in het begin zijn wel heel belangrijk.

Wat

​Wat is reumatoïde artritis?

  • een chronische ontsteking van de gewrichten. De ontsteking tast het bot aan, maar ook het kraakbeen, de pezen en ligamenten, kortom alle basiselementen van het gewricht. De ontsteking ontstaat doordat bepaalde lichaamscellen te veel ontstekingsbevorderende cytokines vrijgeven. Cytokines zijn eiwitten die een rol spelen in het immuunsysteem van het lichaam. Er bestaan zowel ontstekingsbevorderende als ontstekingsremmende cytokines. Bij reumatoïde artritis is het evenwicht tussen die twee soorten stoffen duidelijk verstoord. Dat is ook zo bij vele andere ontstekingsziekten.
  • een auto-immuunziekte. Het immuunsysteem produceert namelijk reumafactoren, antistoffen die gericht zijn tegen onschadelijke lichaamseigen eiwitten, die dus niet moeten bestreden worden.
  • Artritis is geen artrose, een andere vorm van gewrichtsreuma, die veroorzaakt wordt door slijtage. Een al lang bestaande artritis kan wel tot (secundaire) artrose leiden.

Wat die ontstekingen in gang zet is nog onbekend, zoals bij de meeste reumatische aandoeningen die met ontstekingen gepaard gaan. Eenmaal het zo ver is, verlopen de ontstekingsmechanismen bij de verschillende vormen echter vrij gelijkaardig. Daardoor werken dezelfde geneesmiddelen soms bij verschillende vormen.

Bij sommige mensen verloopt de ziekte mild. Anderen hebben een agressieve vorm, en dan kan het snel gaan. Soms is er al na enkele maanden bot aangetast aan de kleine gewrichtjes die het eerst getroffen worden.

Diagnose

​Hoe stelt de dokter deze ziekte vast?

  • Je verhaal met de typische symptomen.
  • Lichamelijk onderzoek. De dokter voelt een rubberachtige zwelling veroorzaakt door ontstekingsweefsel in de kleine gewrichten van de handen en de polsen. Vooral in de gewrichten aan de basis en in het midden van vingers en duim, de zogenaamde metacarpo-falengeale en proximale interfalangeale gewrichten, kortweg MCP’s en PIP’s. Bij artrose is er daarentegen een beenderige zwelling voelbaar aan de eindkootjes, de distale interfalengeale gewrichten of DIP’s.
  • Bloedonderzoeken naar reumafactoren en naar ccp-antistoffen, ofwel anti-Cyclische Citrulline Peptiden. Die laatste zijn antistoffen die alleen mensen met reumatoïde artritis hebben, terwijl je reumafactoren ook bij andere ontstekingsziekten vindt. Daarnaast wordt gekeken of een aantal ontstekingsstoffen in het bloed verhoogd is.
  • Beeldvorming: klassieke radiografie, NMR en echografie. Een röntgenfoto toont alleen dat er bot of kraakbeen weggevreten is. Een NMR en echografie tonen soms al tekenen van de ontsteking, nog voor er gewrichtsschade te zien is. Namelijk een toegenomen aantal bloedvaatjes in het gewrichtsweefsel met de echografie en vochtophoping of oedeem in het bot met de NMR.

Klachten

​Deze symptomen treden op:

  • Pijn, stijfheid en zwelling van sommige gewrichten. De symptomen komen geleidelijk op in de loop van enkele weken tot maanden. Er is geen uitlokkende factor zoals overbelasting of een verwonding.
  • ’s Ochtends zijn de symptomen het ergst. De pijn kan zelfs al opkomen tijdens de tweede helft van de nacht. De toestand verbetert in de loop van de dag, omdat de ontstekingstoffen door lichaamsbeweging via de bloed- en lymfevaten vlotter uit de gewrichten verdwijnen dan wanneer je stil ligt in je bed. Bij artrose daarentegen heb je ’s morgens een kortdurende startpijn, maar neemt de pijn toe door belasting van het gewricht.
  • In het begin worden vooral de kleine gewrichten van handen, voeten en polsen aangetast. Later kunnen ook schouders, heupen, ellebogen, knieën en enkels ontstoken raken.
  • De aantasting is symmetrisch over het lichaam. Als je ene hand, voet of pols enz. is aangetast, dan ook de andere.
  • De ontsteking is chronisch, met dagelijkse pijn en zwelling, soms met opstoten en betere periodes

 

Complicaties bij reumatoïde artritis

Als de ziekte niet goed behandeld wordt, kan het volgende gebeuren:

  • De getroffen gewrichten raken misvormd. De ligamenten en de spieren die de delen van de gewrichten op hun plaats houden, verzwakken door de ontsteking. Daardoor zit er meer speling op de gewrichten en kunnen ze in een abnormale richting gaan verschuiven. Typisch zijn de vingers die schuin gaan staan, weg van de duim, ook wel de ulnaire deviatie of coup-de-vent genoemd.
  • Op de duur word je invalide, omdat de getroffen gewrichten zodanig vernield en misvormd raken dat je ze niet meer kan gebruiken. Dat gebeurde tot twintig jaar geleden nog vaak.
  • Met een lang bestaande ernstige ontstekingsziekte kan je sneller atherosclerose en daardoor hart- en vaatziekten krijgen.

 

Behandelen

Geneesmiddelen

De behandeling van reumatoïde artritis en andere vormen van artritis is er spectaculair op vooruitgegaan in de laatste decennia. Een vroege diagnose en in het begin een intensieve behandeling zijn wel uiterst belangrijk. Met zo’n intensieve therapie kan je de ziekte bij heel veel mensen onder controle brengen, soms zelfs volledig genezen. Ook als de behandeling later start kan je het ziekteproces nog afremmen, maar de opgelopen kraakbeen- en botschade kan niet meer teruggedraaid worden.

Er worden verschillende soorten geneesmiddelen ingezet.

  • In de symptomatische behandeling worden de klassieke NSAID’s (niet-steroïdale ontstekingsremmers) ingezet tijdens de eerste weken tot maanden van de behandeling. Bij ernstige gevallen worden ook lage doses corticoïden gebruikt. Al die geneesmiddelen onderdrukken de ontsteking en stillen de pijn. Maar ze hebben geen effect op de evolutie van de ziekte. Ook zuivere pijnstillers kan je nodig hebben.
  • In de basistherapie worden medicamenten ingezet die ingrijpen op het ziekteproces zelf. Deze DMARD’s of disease modifying anti rheumatic drugs verminderen opstoten en houden een chronische ontsteking onder de knoet. Dan kan je gewoon blijven leven en werken zoals voorheen en raken je gewrichten niet verder aangetast. Ze beginnen echter pas te werken na drie tot acht weken. Daarom worden ze in het begin gecombineerd met de ontstekingsremmers. Het duurt enkele maanden tot de ziekte onder controle is.
  • De biologicals zijn de meest recente geneesmiddelen. Het zijn zogenaamde designer drugs. Ze werken rechtstreeks in op de verschillende stoffen die de ontsteking veroorzaken. Ze worden gebruikt bij mensen die weerstandig zijn aan de behandeling met andere antireumatica. Het effect op de evolutie van de ziekte treedt in het algemeen vlugger op dan voor de andere antireumatica (DMARD’s). Maar hun doeltreffendheid op lange termijn is nog niet goed gekend. 

Operaties

Wanneer een gewricht erg misvormd is, kan een corrigerende operatie gebeuren of wordt het gewricht vervangen door een prothese. Operaties gebeuren in functie van pijn en functiebeperking, niet om de esthetica. Wanneer je vingers scheef staan maar je ze nog heel goed kan gebruiken, dan riskeer je door de operatie en immobilisatie achteraf verstijving van het gewricht. Wanneer je daarentegen bijvoorbeeld je duim niet meer kan gebruiken om iets vast te grijpen, dan is een operatie zeker zinvol. Heel efficiënt zijn voorvoetoperaties en het inplanten van een heup- of knieprothese. Ingewikkelder gewrichten zoals schouder- en elleboogoperaties zijn moeilijker, ook al bestaat daarvoor prothesemateriaal. Heel soms wordt de pols vastgezet als hij te pijnlijk blijft.

Aanvullende behandelingen

De behandeling is multidisciplinair en gebeurt door een team. Je kan kinesitherapie en ergotherapie nodig hebben, of advies over hulpmiddelen bij bepaalde beperkingen. Bijvoorbeeld een toiletverhoging als je moeilijk vanuit je knieën omhoog komt.

Ook psychologische begeleiding is nodig wanneer je met de diagnose geconfronteerd wordt, net zoals maatschappelijke begeleiding. 

Aanbevolen levensstijl

  • Bewegen is extra belangrijk voor een reumapatiënt. Als je stevige spieren hebt rond je gewrichten, dan kan je ook beter stappen en functioneren. Hou ook je schouders in beweging. Beweeg in je eentje, bijvoorbeeld op een hometrainer, of onder begeleiding van een kinesist. Sommige mensen met een zwaardere vorm van artritis kunnen op zijn minst tijdelijk bepaalde sporten niet meer beoefenen, of moeten hun beroep aanpassen.
  • Bewegen is goed, belasten niet. Luister naar de taal van je lichaam. Doseer volgens wat je kan en de pijn die je voelt. Niet vals spelen door vooraf een pijnstiller te nemen, want dan veroorzaak je meer schade op termijn!
  • Een gezonde evenwichtige voeding is belangrijk, zoals voor iedereen. Zorg zeker voor voldoende poly-onverzadigde vetzuren en Omega-3 vetzuren. Uit onderzoek blijkt dat je lichaam dan minder ontstekingsmoleculen aanmaakt. Dat is een klein hulpmiddel, geen wondermiddel.

Fabels

Over reuma wordt veel onzin verteld, vooral over voeding. Zure voedingsmiddelen zou je niet mogen eten, zoals tomaten, citrusvruchten of aardbeien. Dat is onder andere gebaseerd op het idee dat zuren het bot zouden oplossen, net zoals azijn kalk oplost. Die vergelijking slaat nergens op en heeft geen enkele wetenschappelijke basis. Niets is namelijk zuurder dan het maagzuur. Het eten van citroenen heeft dan ook geen enkele invloed op de zuurtegraad van je bloed of de weefsels in de omgeving van het bot. Er bestaat dus ook geen wonderdieet.

Wat brengt de toekomst?

Onderzoekers zijn nog altijd bezig de ziekte te bestuderen, zodat er in de toekomst nog ontwikkelingen te verwachten zijn.

  • Een duidelijker genetisch beeld van de oorzaken van reumatoïde artritis. Er zijn zeker verschillende genen in het spel. Op basis van die kennis zal men beter een genetisch profiel kunnen bepalen, wat nuttig is bij diagnose en behandeling.
  • Men experimenteert al met kraakbeentransplantatie, botremodellering en stamcellen, maar de toepassing in de praktijk ligt nog ver af.

Wie?

Wie krijgt het?

  • De ziekte kan op elke leeftijd beginnen en komt voor bij kinderen tot hoogbejaarden.
  • Ongeveer 2 op 3 is een vrouw.
  • Het treft bijna 1 % van de bevolking en is daarmee de frequentste vorm van chronische artritis.
  • Het is geen erfelijke ziekte, maar er zijn erfelijke factoren die een beetje voorbeschikkend zijn. In sommige families komt reumatoïde artritis wat vaker voor dan gemiddeld, maar reumatoïde artritis erft zeker niet zomaar over van ouder op kind. Er spelen veel verschillende factoren een rol.​

Verschenen op 31 mei 2010 met medewerking van professor Luc De Clerck, afdeling reumatologie, UZ Antwerpen

Contacteer ons

Algemene vragen en vragen over jouw ziekteverzekering